Editorial

‘The Dutch Way’ – de kracht van samenwerken

“Meester, kijk eens wat we gemaakt hebben! Die tanden zijn goed he! Djamilla heeft alles geplakt en ik heb geverfd. En niemand heeft zich gebrand aan het lijmpistool. Mooi he?” [1]

Volgens het veel geciteerde UNICEF-onderzoek uit 2013 behoren Nederlandse kinderen tot de gelukkigste kinderen ter wereld. En dat niet alleen, ook ons Nederlandse onderwijssysteem is 'the best kept secret in education worldwide' volgens de Britse professor Alma Harris die daar in 2016 uitvoerig onderzoek naar deed. "Forget Finland, learn from The Dutch Way", adviseert ze. [2]

'De nadruk op elkaar helpen'

Maar dat onderwijssysteem staat onder druk. We zijn er niet zuinig genoeg op. En we zien niet waar we zo trots op zouden moeten zijn.


Wat is er dan zo goed en gelukkigmakend in Nederland? Want zaken als kinderopvang, ouderschapsverlof en kleine klassen hebben ze in Scandinavië toch een stuk beter geregeld? Dat klopt. Maar de kwaliteit zit hier dieper dan verlofperiodes en groepsomvang. Hoe belangrijk beide ook zijn om voor te blijven vechten.


Het geheim van The Dutch Way zit ‘m in de hoge mate van autonomie en vrijheid die de kern vormt van ons DNA. De nadruk op sámen en niet op concurrentie. Op elkaar helpen en niet het recht van de sterkste. Op creativiteit en niet op uitvoeren van regels. En niet te vergeten: fouten maken mag bij ons, als je er maar van leert. Liever achteraf uitleggen wat er mis ging, dan vooraf alles vastleggen en dichttimmeren.

'Talent ontdekken en ontwikkelen'

Dat geldt voor het onderwijs zelf waarin onze leerkrachten echte aandacht voor kinderen kunnen hebben. De kern van ons onderwijs is dat ieder kind zijn talenten kan ontdekken en ontwikkelen. De kaders zijn helder maar kinderen mogen zelf ook veel inbrengen en veel samenwerken. En daar worden ze dus gelukkig van.


Ook ons onderwijssysteem hebben wij op The Dutch Way georganiseerd: ouders, leerkrachten en besturen hebben - zeker in vergelijking met ons omringende landen - behoorlijk wat vrijheid in hoe zij hun onderwijs kunnen inrichten. Geen dichtgetimmerd systeem van regels en wetten, maar relatieve autonomie met heldere verantwoordingseisen achteraf.


"En binnen dat systeem houden wij van ‘Distributed Leadership’", aldus Alma Harris. "Zodanige condities creëren dat anderen bereid zijn hun kwaliteiten te delen. Samen dus. Want alleen samen kom je verder. In veel landen zijn ze daar jaloers op."

En omdat The Dutch Way dus onze kinderen gelukkig maakt en onze organisaties en professionals autonoom, staat ons onderwijs al jaren ook hoog in vrijwel alle OESO en PISA-rankings: in Nederland is de onderwijsdeelname door alle lagen van de samenleving extreem hoog en zijn de cognitieve prestaties sterk.


Althans, tot nu toe. Maar de prestaties, met name in de technische vakken beginnen te dalen. En dus gaan wij weer meer nadruk op cognitief toetsen leggen. Ook de bekostiging van ons basisonderwijs ligt 25 procent lager dan het internationale gemiddelde. Terwijl we daar nota bene 15 procent meer onderwijstijd mee leveren en onze leerkrachten bijna 20 procent minder betalen dan de landen om ons heen. [3] Een driedubbele prestatie dus eigenlijk.

'Zuinig op autonomie en vrijheid'

Juist nu we kinderen moeten opleiden voor een wereld die zij, maar ook wij nog niet kennen, wordt investeren in goed onderwijs - met zorg voor zowel kinderen als professionals - het állerbelangrijkste. Daarbij is zuinig zijn op autonomie en vrijheid en onze natuur om samen te werken, van essentieel belang.


Laten we blijven vechten voor The Dutch Way. Voor onze kinderen. Voor een betere wereld.

Ester van de Haar

Directeur - bestuurder Gruitpoort

[1] Met gefingeerde namen vastgelegd gesprekje door leerlingen bij de het project Jij maakt de wereld onder leiding van kunstenaar Lennart Brinkhuis.

[2] The Dutch Way, uitgave van Onderwijs Maak Je Samen i.s.m. Stichting De Brink, 2017.

[3] PO-raad Thea Meijer, Debat Onderwijsraad 8 maart 2018.


.